Vraag een demo aan

Instellingen

Diverse instellingen voor de Specificatie module kunnen bepaald worden via het onderdeel Instellingen. Het is handig om deze instellingen te bepalen, voordat je producten gaat invoeren in de Specificatie module.

Weergave houdbaarheid in dagen of maanden

Onder instellingen kun je bepalen of je bij het verkoopartikel de houdbaarheid in dagen of maanden wilt laten weergeven.

  1. Klik rechts bovenin het scherm op Instellingen en klik vervolgens op ‘Instellingen’.
  2. Klik op tabblad ‘Specificaties’.
  3. Klik op Button bewerken.
  4. Selecteer of je de houdbaarheid wilt laten weergeven ‘In dagen’ of ‘In maanden’.
  5. Klik op Button Wijzigingen opslaan om de instellingen op te slaan.

Tabbladen microbiologisch/chemisch/sensorisch/overige instellen

Onder ‘Grondstof’ en ‘Verkoopartikel’ kunnen de tabbladen ‘Microbiologisch’, ‘Chemisch’, ‘Sensorisch’ en ‘Overige’ worden weergegeven. Je kunt zelf bepalen of je deze tabbladen wilt tonen onder ‘Grondstof’ en ‘Verkoopartikel’. Daarnaast kun je bepalen welke kopjes je in de kolommen van deze tabbladen wilt laten terugkomen en welke naam iedere rij dient te krijgen.

  1. Klik rechts bovenin het scherm op Instellingen en klik vervolgens op ‘Instellingen’.
  2. Klik op tabblad ‘Specificaties’.
  3. Klik op Button bewerken.
  4. Selecteer bovenaan bij ‘Toon de tabs’ de gewenste tabbladen die je wilt laten weergeven bij het invoeren van ‘Grondstoffen’ en ‘Verkoopartikelen’.
  5. Voer onder ‘Microbiologisch’, ‘Chemische gegevens’, ‘Overige’ en ‘Sensorisch’ de rijnamen in voor de betreffende tabbladen onder Grondstoffen en Verkoopartikelen. Zie onderstaande printscreen als voorbeeld, rijnamen zijn hier ‘Totaal kiemgetal’, ‘Enterobacteriaceae’ en ‘Gisten’.
  6. Voer hiertoe de rijnaam in per onderdeel en klik vervolgens op Toevoegen grijs.
  7. Rijnamen kunnen indien gewenst verwijderd of bewerkt worden. Ga hiertoe naar de rijnaam en klik rechts op Button verwidjer of Button Bewerk. Wijzig de volgorde van de rijnamen door rechts in de rij te klikken op de rechthoek met puntjes Inspecties_volgorde wijzigen_icoon rechthoek, houd de muis ingedrukt en verplaats de rij naar boven of beneden.
  8. Voer bij de ‘Meeteenheid’ in welke waarden je wilt laten terugkomen in de keuzemenu’s per tabblad (microbiologisch, chemisch, overige en sensorisch). Zie onderstaande printscreen als voorbeeld, meeteenheden zijn hier ‘KVE/g’, ‘Afwezig/25g’ en ‘Afwezig/375g’.
  9. Voer hiertoe de meeteenheid in en klik vervolgens op Toevoegen grijs.
  10. Rijnamen kunnen indien gewenst verwijderd of bewerkt worden. Ga hiertoe naar de rijnaam en klik rechts op Button verwidjer of Button Bewerk. Wijzig de volgorde van de rijnamen door rechts in de rij te klikken op de rechthoek met puntjes Inspecties_volgorde wijzigen_icoon rechthoek, houd de muis ingedrukt en verplaats de rij naar boven of beneden.
  11. Indien je alle gewenste namen hebt ingevoerd, klik dan op Button Wijzigingen opslaan om alle instellingen op te slaan.

voorbeeld ingave micro

Namen vrije velden instellen

Het is mogelijk om vrije velden terug te laten komen bij de in te voeren gegevens voor ‘Grondstoffen’ en ‘Verkoopartikelen’. Zo kun je zelf bepalen welke overige informatie je nog bij het product wilt vermelden. Het is tevens mogelijk om vrije velden te koppelen aan specifieke grondstofgroepen. Hierdoor worden velden voor het invullen van specifieke kenmerken van grondstoffen enkel bij die betreffende grondstofgroepen weergegeven (bijv. vangstgebied voor grondstofgroep visproducten).

  1. Klik rechts bovenin het scherm op Instellingen en klik vervolgens op ‘Instellingen’.
  2. Klik op tabblad ‘Specificaties’.
  3. Klik op Button bewerken.
  4. Ga naar het kopje ‘Vrije velden’.
  5. Vink aan welke velden je zichtbaar wilt maken en dus terug wilt laten komen bij de in te voeren gegevens voor ‘Grondstoffen’ én ‘Verkoopartikelen’.
  6. Benoem de velden welke je zichtbaar wilt maken. Bijvoorbeeld ‘Vangstmethode (enkel voor vis)’.
  7. Koppel de vrije velden indien gewenst aan één of meerdere grondstofgroepen. Typ de naam van de grondstofgroep in het tekstveld bij ‘Grondstofgroepen’ en selecteer de gewenste grondstofgroep of klik op opzoeken en vink de gewenste grondstofgroepen aan en klik onderaan bij kies een actie op ‘Toevoegen’. Indien vrije velden gekoppeld zijn aan grondstofgroepen, worden vrije velden alleen bij deze grondstoffen getoond.
  8. Indien je alle gewenste velden hebt aangevinkt en de veldnamen en eventueel gekoppelde grondstofgroepen hebt ingevoerd, klik dan op Button Wijzigingen opslaan om de instellingen op te slaan.

Vrije velden grondstoffen

Voor grondstoffen kunnen extra vrije velden ingesteld worden, welke per ingrediënt kunnen worden ingevuld. Zie onderstaand voorbeeld. De gegevens die in het opmerkingenveld en de vrije velden zijn ingevoerd, worden automatisch per ingrediënt vermeld in recepturen en verkoopartikelen.

  1. Klik rechts bovenin het scherm op Instellingen en klik vervolgens op ‘Instellingen’.
  2. Klik op tabblad ‘Specificaties’.
  3. Klik op Button bewerken.
  4. Ga naar het kopje ‘Grondstof vrije velden’.
  5. Vink de velden aan die je wilt tonen bij het aanmaken van een grondstof.
  6. Voer de gewenste naam in voor de vrije velden.
  7. Indien je alle gewenste velden hebt aangevinkt en de veldnamen hebt ingevoerd, klik dan op Button Wijzigingen opslaan om de instellingen op te slaan.
  8. De vrije velden kunnen in de specificaties getoond worden in de tabel met ingrediënten met de replacements #grondstoffen_remark#, #grondstoffen_freefield1# en #grondstoffen_freefield2#.

Soort verpakking instellen

Indien je de verpakkingsgegevens voor een ‘Verkoopartikel’ gaat instellen, dien je hierbij het verpakkingstype aan te geven. Je kunt zelf bepalen welke verpakkingstypes je wilt laten terugkomen bij het selecteren van de verpakkingen.

  1. Klik rechts bovenin het scherm op Instellingen en klik vervolgens op ‘Instellingen’.
  2. Klik op tabblad ‘Specificaties’.
  3. Klik op Button bewerken.
  4. Ga naar het kopje ‘Verpakking’.
  5. Voer hier het gewenste verpakkingstype in, bijvoorbeeld ‘Primair’ en klik op Toevoegen grijs.
  6. Verpakkingstypes kunnen indien gewenst verwijderd of bewerkt worden. Ga hiertoe naar de rij en klik rechts op Button verwidjer of Button Bewerk. Wijzig de volgorde van de verpakkingstypes door rechts in de rij te klikken op de rechthoek met puntjes Inspecties_volgorde wijzigen_icoon rechthoek, houd de muis ingedrukt en verplaats de rij naar boven of beneden.
  7. Indien je alle gewenste verpakkingstypes hebt ingevoerd, klik dan op Button Wijzigingen opslaan om alle instellingen op te slaan.

Voedingswaarden instellen

Je kunt zelf bepalen welke voedingswaarden je wilt laten terugkomen onder het tabblad voedingswaarden van de ‘Grondstoffen’ en ‘Verkoopartikelen’. Daarnaast is het ook mogelijk de ADH in te voeren en een PS in Foodservice ID in te voeren voor een koppeling met PS in Foodservice. Het is tevens mogelijk om het aantal kJ en/of kcal automatisch te berekenen aan de hand van ingevoerde waarden voor eiwitten, vetten en koolhydraten.

  1. Klik rechts bovenin het scherm op Instellingen en klik vervolgens op ‘Instellingen’.
  2. Klik op tabblad ‘Specificaties’.
  3. Klik op Button bewerken.
  4. Ga naar het kopje ‘Voedingswaarden’.
  5. Vink de optie ‘Automatisch berekenen’ aan indien je het aantal kJ en/of kcal automatisch wilt laten berekenen.
  6. Voer de naam van de voedingswaarde in (bijvoorbeeld eiwit), de eenheid (g / mg / kcal / kJ), het aantal decimalen en de RI, vink bij het invoeren van energie (kcal) de optie ‘kcal’ aan en vink bij het invoeren van energie (kJ) de optie ‘kJ’ aan en klik op Toevoegen grijs. Let op: bij overige nutriënten dienen de opties kcal en kJ niet te worden aangevinkt.
  7. Vink de optie ‘Vocht’ aan indien je vocht in de voedingswaarden wilt laten terugkomen (van toepassing voor vochtverliesberekening).
  8. Vink de optie ‘Verplicht’ aan voor voedingswaarden die verplicht ingevuld dienen te worden.
  9. Indien je de optie ‘Automatisch berekenen’ hebt aangevinkt (conform Verordening (EU) nr. 1169/2011 artikel 31), dien je het aantal kcal/g in te voeren voor de verschillende nutriënten (zie ook Verordening (EU) nr. 1169/2011 Bijlage XIV).
  10. Voedingswaarden kunnen indien gewenst verwijderd of bewerkt worden. Ga hiertoe naar de rij en klik rechts op Button verwidjer of Button Bewerk. Wijzig de volgorde van de voedingswaarden door rechts in de rij te klikken op de rechthoek met puntjes Inspecties_volgorde wijzigen_icoon rechthoek, houd de muis ingedrukt en verplaats de rij naar boven of beneden.
  11. Indien je alle gewenste voedingswaarden hebt ingevoerd, klik dan op Button Wijzigingen opslaan om alle instellingen op te slaan.

Receptgroepen / verkoopgroepen instellen

Bij het invoeren van recepten / verkoopartikelen dien je een receptgroep / verkoopgroep te kiezen waartoe het betreffende recept / verkoopartikel behoort. Op deze manier kun je gemakkelijk terugzoeken in groepen recepten, zodat je snel het gewenste recept / verkoopartikel kunt terugvinden.

  1. Klik rechts bovenin het scherm op Instellingen en klik vervolgens op ‘Instellingen’.
  2. Klik op tabblad ‘Specificaties’.
  3. Klik op Button bewerken.
  4. Ga naar het kopje ‘Receptgroep’ / ‘Verkoopgroep’.
  5. Voer de naam van de Receptgroep / Verkoopgroep in (bijvoorbeeld kant en klaar maaltijden) en klik op Toevoegen grijs.
  6. Receptgroepen / Verkoopgroepen kunnen indien gewenst verwijderd of bewerkt worden. Ga hiertoe naar de rij en klik rechts op Button verwidjer of Button Bewerk. Wijzig de volgorde van de Receptgroepen / Verkoopgroepen door rechts in de rij te klikken op de rechthoek met puntjes Inspecties_volgorde wijzigen_icoon rechthoek, houd de muis ingedrukt en verplaats de rij naar boven of beneden.
  7. Indien je alle gewenste Receptgroepen / Verkoopgroepen hebt ingevoerd, klik dan op Button Wijzigingen opslaan om alle instellingen op te slaan.

Specificatietalen instellen

Bij het invoeren van ingrediënten en categoralen is het mogelijk direct de benamingen in andere talen te definiëren. Je dient hiervoor allereerst onder ‘Instellingen’ de diverse specificatietalen aan te maken. Vervolgens kun je bij het invoeren van ingrediënten en categoralen per ingrediënt en categoraal de overige specificatietalen selecteren en de bijbehorende vertalingen invoeren. Indien je dit gedaan hebt, kun je bij het openen van een eindproductspecificatie van een verkoopartikel kiezen in welke taal je de ingrediëntendeclaratie in de specificatie wilt laten weergeven.

  1. Klik rechts bovenin het scherm op Instellingen en klik vervolgens op ‘Instellingen’.
  2. Klik op tabblad ‘Specificaties’.
  3. Klik op Button bewerken.
  4. Ga naar het kopje ‘Specificatietaal’.
  5. Voer de naam van de Specificatietaal in (bijvoorbeeld Duits) en klik op Toevoegen grijs.
  6. Specificatietalen kunnen indien gewenst verwijderd of bewerkt worden. Ga hiertoe naar de rij en klik rechts op Button verwidjer of Button Bewerk. Wijzig de volgorde van de Specificatietalen door rechts in de rij te klikken op de rechthoek met puntjes Inspecties_volgorde wijzigen_icoon rechthoek, houd de muis ingedrukt en verplaats de rij naar boven of beneden.
  7. Indien je alle gewenste Specificatietalen hebt ingevoerd, klik dan op Button Wijzigingen opslaan om alle instellingen op te slaan.

Grondstofgroepen instellen

Bij het invoeren van grondstoffen dien je per grondstof te bepalen tot welke groep deze grondstof behoort. Het is mogelijk zelf een aantal grondstofgroepen in te stellen, zodat je later gemakkelijk in het grondstoffenoverzicht per groep kunt terugzoeken.

  1. Klik rechts bovenin het scherm op Instellingen en klik vervolgens op ‘Instellingen’.
  2. Klik op tabblad ‘Specificaties’.
  3. Klik op Button bewerken.
  4. Ga naar het kopje ‘Grondstofgroep’.
  5. Voer de naam van de grondstofgroep in (bijvoorbeeld Hulpstoffen, Ingrediënten, Verpakkingen) en klik op Toevoegen grijs.
  6. Grondstofgroepen kunnen indien gewenst verwijderd of bewerkt worden. Ga hiertoe naar de rij en klik rechts op Button verwidjer of Button Bewerk. Wijzig de volgorde van de grondstofgroepen door rechts in de rij te klikken op de rechthoek met puntjes Inspecties_volgorde wijzigen_icoon rechthoek, houd de muis ingedrukt en verplaats de rij naar boven of beneden.
  7. Indien je alle gewenste grondstofgroepen hebt ingevoerd, klik dan op Button Wijzigingen opslaan om alle instellingen op te slaan.

Claims instellen

Indien je bij een ‘Grondstof’ of ‘Verkoopartikel’ claims wilt selecteren, dien je deze vooraf te hebben ingevoerd onder ‘Instellingen’.

  1. Klik rechts bovenin het scherm op Instellingen en klik vervolgens op ‘Instellingen’.
  2. Klik op tabblad ‘Specificaties’.
  3. Klik op Button bewerken.
  4. Ga naar het kopje ‘Claims’.
  5. Voer de naam van de Claim in (bijvoorbeeld Biologisch) en klik op Toevoegen grijs.
  6. Claims kunnen indien gewenst verwijderd of bewerkt worden. Ga hiertoe naar de rij en klik rechts op Button verwidjer of Button Bewerk. Wijzig de volgorde van de Claims door rechts in de rij te klikken op de rechthoek met puntjes Inspecties_volgorde wijzigen_icoon rechthoek, houd de muis ingedrukt en verplaats de rij naar boven of beneden.
  7. Indien je alle gewenste Claims hebt ingevoerd, klik dan op Button Wijzigingen opslaan om alle instellingen op te slaan.

Landen van oorsprong instellen

Bij het invoeren van de ‘Ingrediënten’ kunnen de landen van oorsprong worden ingevoerd. Deze dienen hiertoe allereerst onder ‘Systemsettings’ te zijn ingevoerd alvorens het land van oorsprong geselecteerd kan worden bij ‘Ingrediënten’.

  1. Klik rechts bovenin het scherm op Instellingen en klik vervolgens op ‘Systemsettings’.
  2. Klik op tabblad ‘Landen’.
  3. Klik op Button bewerken.
  4. Voer de naam van het land in (bijvoorbeeld Duitsland) en vervolgens de landcode (bijvoorbeeld DE) en klik op Toevoegen grijs.
  5. Landen kunnen indien gewenst verwijderd of bewerkt worden. Ga hiertoe naar de rij en klik rechts op Button verwidjer of Button Bewerk. Wijzig de volgorde van de Landen door rechts in de rij te klikken op de rechthoek met puntjes Inspecties_volgorde wijzigen_icoon rechthoek, houd de muis ingedrukt en verplaats de rij naar boven of beneden.
  6. Indien je alle gewenste Landen hebt ingevoerd, klik dan op Button Wijzigingen opslaan om de instellingen op te slaan.

Klantspecifieke E-nummer weergave

  1. Klik rechts bovenin het scherm op Instellingen en klik vervolgens op ‘Instellingen’.
  2. Klik op tabblad ‘Specificaties’.
  3. Klik op Button bewerken.
  4. Vink ‘Vrije klant 1’, ‘Vrije klant 2’ en/of ‘Vrije klant 3’ aan en geef de klant een naam bij ‘Label’.
  5. Klik op Button Wijzigingen opslaan om de instellingen op te slaan.
  6. Klik rechts in het scherm op enummer.
  7. Klik rechts in het scherm op enummer toevoegen.
  8. Typ de naam van het E-nummer en selecteer per klant de weergave voor het E-nummer.
  9. Klik op Opslaan om de instellingen voor het E-nummer op te slaan.
  10. Voer stappen 7 tot en met 9 eveneens uit voor de overige E-nummers.
  11. In de Specificatie module kan nu onder het tabblad ‘Verkoopartikelen’ bij tabblad ‘Opties’ de gewenste klantweergave voor het E-nummer worden geselecteerd door de klikken op bijv. ‘Weergave klant: klant A’.

Afbeeldingsgrootte instellen

Via deze functie is het mogelijk om de afmetingen te bepalen voor de afbeelding die in de eindproductspecificatie wordt weergegeven.

  1. Klik rechts bovenin het scherm op Instellingen en klik vervolgens op ‘Instellingen’.
  2. Klik op tabblad ‘Specificaties’.
  3. Klik op Button bewerken.
  4. Ga naar het kopje ‘Specificatie afbeelding’.
  5. Voer de gewenste breedte en hoogte in pixels in. Om ervoor te zorgen dat de afbeelding volledig op de pagina wordt weergegeven, adviseren we een instelling van maximaal 700 x 700 pixels.
  6. Klik op Button Wijzigingen opslaan om de instellingen op te slaan.

Vochtverliesberekening

Het is mogelijk om de voedingswaarde van een Recept / Halffabrikaat automatisch door te berekenen in het geval van vochtverlies dat tijdens de bereiding ontstaat. Om dit te bereiken moeten een aantal zaken worden vastgelegd in de Instellingen van de Specificatiemodule, vervolgens dienen de voedingswaarden bij de grondstoffen te worden ingevoerd en tot slot dient het % gewichtsverlies in de receptuur te worden ingevoerd. Onderstaand wordt de toe te passen werkwijze stap voor stap weergegeven.

Instellingen bepalen

  1. Klik rechts bovenin het scherm op Instellingen en klik vervolgens op ‘Instellingen’.
  2. Klik op tabblad ‘Specificaties’.
  3. Klik op Button bewerken.
  4. Ga naar het kopje ‘Voedingswaarden’.
  5. Bepaal welke Voedingswaarden gekoppeld moeten worden aan het vochtverlies. Alle Voedingswaarden die tezamen het complete product tot 100% maken, worden HOOFDGROEPEN genoemd. HOOFDGROEPEN kunnen zelf worden bepaald, maar wij adviseren ze als volgt:
  • VETTEN
  • KOOLHYDRATEN
  • EIWITTEN
  • VOEDINGSVEZELS
  • AS
  • VOCHT
    • Onder de HOOFDGROEPEN vallen waarden in subgroepen, zoals:
  • VETTEN
    • Waarvan verzadigd
  • KOOLHYDRATEN
    • Waarvan suikers
    • Waarvan zetmeel
Voedingswaarde HOOFDGROEP subgroep
Vetten VETTEN  
waarvan verzadigd VETTEN vetten
Koolhydraten KOOLHYDRATEN
waarvan suikers KOOLHYDRATEN koolhydraten
waarvan zetmeel KOOLHYDRATEN koolhydraten

Zoals hierboven is weergegeven, moeten de Voedingswaarden, HOOFDGROEPEN en subgroepen ook in Instellingen van de Specificatiemodule worden ingegeven.

Voor een correcte Vochtverliesberekening moeten de HOOFDGROEPEN ingesteld worden en zijn de subgroepen optioneel.

6. Voeg hiervoor eerst de HOOFDGROEPEN toe en klik op Button Wijzigingen opslaan om de instellingen op te slaan.
7. Klik op Button bewerken.
8. Voeg vervolgens de subgroepen toe en klik op Button Wijzigingen opslaan om de instellingen op te slaan. Zie onderstaand voorbeeld ter illustratie.

9. Klik op Button bewerken.
10. Per Voedingswaarde moet nu worden aangegeven of deze:

  • Behoort tot een HOOFDGROEP of tot een subgroep;
  • Verplicht moet worden ingevuld in het tabblad Grondstoffen;
  • Behoort tot de HOOFDGROEP ‘Vocht’. Er moet voor een correcte vochtverliesberekening altijd bij minimaal 1 HOOFDGROEP een vinkje komen bij ‘Vocht’.

Zie onderstaande afbeelding ter illustratie.

Onderstaand wordt een voorbeeld getoond van de instellingen voor vochtverlies.

11. Klik op Button Wijzigingen opslaan om de instellingen op te slaan.

Invoeren grondstofgegevens

  1. Vervolgens kunnen voedingswaarden van de grondstoffen ingegeven worden in de voedingswaarde tabbladen.

Zoals hieronder te zien is, zijn de verplicht in te vullen voedingswaarde velden rood omrand. De hoofdgroepen worden tevens vetgedrukt weergegeven. In dit geval zijn alleen de HOOFDGROEPEN ingesteld als verplicht veld.

2. De som van de HOOFDGROEPEN moet 100 zijn. Als dat niet zo is, wordt een foutmelding getoond (zie onderstaand voorbeeld). Voor een correcte berekening is een input van 100 namelijk essentieel. 

In sommige gevallen is het handig om een HOOFDGROEP “Rest” aan te maken om zodoende de door de leverancier aangeleverde waarden exact over te kunnen nemen. Tijdens het invoeren van de voedingswaarden zie je rechts in het scherm direct de som van de ingevoerde voedingswaarden voor de hoofdgroepen weergegeven, zodat je direct ziet of deze som 100 is (zie onderstaande screenprint ter illustratie).

Wanneer de voedingswaarden van de te gebruiken grondstoffen allemaal zijn ingevoerd, kan een recept worden aangemaakt.

Aanmaken Receptuur

  1. Bouw een recept op. Klik hier om te lezen hoe je dit kunt doen.
  2. In geval van gewichtsverlies door verdamping van vocht, kan dat in onderstaand veld worden ingegeven.

3. Voer in het veld “Totaal gewichtsverlies (%)” het betreffende % in. Bijvoorbeeld: als 2,0 kg gemarineerde kipfilet de grill ingaat en er komt 1,8kg uit, dan is het Totaal gewichtsverlies%:

(2,0-1,8) / 2,0 = 10% Totaal gewichtsverlies

4. Vervolgens moet de volgorde van vochtverlies worden ingegeven. Deze volgorde heeft invloed op een mogelijke toekomstige doorontwikkeling van de module én is noodzakelijk voor een correcte doorberekening. De volgorde begint bij 1 en vervolgens 2, 3, 4, etc., totdat alle onderdelen van het recept zijn benoemd.

5. Als nu het recept wordt opgeslagen door op Button Wijzigingen opslaan te klikken, wordt de voedingswaarde berekend, rekening houdend met het ingegeven gewichtsverlies.

6. Een recept of halffabricaat met vochtverlies kan nu probleemloos worden gebruikt in een ander recept met vochtverlies.